De klank van de tampoera is enorm rijk aan boventonen. Eigenlijk zegt deze zin niks meer dan ‘de tampoera maakt geluid’. Elke klank zit namelijk vol boventonen. Het zijn de boventonen die maken dat je een viool van een trompet kunt onderscheiden. De verhoudingen van de boventonen in het klankspectrum geven elk instrument zijn specifieke klankkleur. Minstens zo belangrijk voor de klankkleur is de aanzet. Als je die wegknipt uit een opname, blijkt het veel lastiger te worden om instrumenten te identificeren.
De aanzet is de energie die we toevoegen om de klank te laten ontstaan: het strijken, tokkelen of plukken van een snaar of het indrukken van een ventiel of een toets. En ook onze stem zetten we aan. Het is een van die aspecten waar musici hun levenlang mee bezig zijn – een eindeloos onderwerp van gesprek, discussie en frustratie.
Des te verfijnder de aanzet, des te verfijnder de klank. Ook de tampoera maakt dat heel direct hoorbaar. ’s Ochtends vroeg, na mijn ochtendmeditatie, bevat de klank van mijn tampoera veel meer boventonen dan wanneer ik ergens op de dag begin te spelen, rechtstreeks vanuit de alledaagse hektiek.
Bij een subtielere aanzet is de grondtoon minder prominent hoorbaar. De rondwaaierende boventonen krijgen dan naar verhouding meer ruimte.
Om de aanzet zo subtiel te krijgen, vraagt rust en ruimte in ons systeem. Dan kunnen we van onze alledaagse grovere motoriek overschakelen naar een fijnere motoriek, die het mogelijk maakt om oude krampen en blokkades te overrulen.
Zo is ook tampoera spelen een weg naar verfijning – in oren, in motoriek en in bewustzijn.
.
0 reacties so far ↓
There are no comments yet...Kick things off by filling out the form below.