Uit ‘De aap in ons’ van Frans de Waal:
Wetenschappers beschouwden de frequentieband van 500 Hz en lager in de menselijke stem als betekenisloze ruis, omdat als een stem gefilterd wordt en alle hogere frequenties verwijderd worden, je slechts een lage bromtoon hoort. Alle woorden gaan verloren. Maar toen ontdekte men dat deze lage bromtoon een onbewust sociaal instrument is. Hij is voor iedereen anders, maar in de loop van een gesprek zijn mensen geneigd om daarin naar elkaar toe te groeien. Ze komen op een enkele bromtoon uit, en degene die zich aanpast is altijd degene met de laagste status. Dit werd voor het eerst aangetoond in een analyse van de televisieshow Larry King Live. De gastheer, Larry King, paste zijn timbre aan aan dat van gasten met een hoge rang, zoals Mike Wallace of Elizabeth Taylor. Gasten met een lagere rang pasten daarentegen hun timbre aan aan dat van King. De duidelijkste aanpassing aan Kings stem, was van de voormalige vice-president Dan Quayle, die daarmee blijk gaf van een gebrek aan zelfvertrouwen.
Deze spectraalanalyse is toegepast op de televisiedebatten van Amerikaanse presidentskandidaten. In al de acht verkiezingen tussen 1960 en 2000 kwam de stemming van het grote publiek overeen met de stemanalyse: de meerderheid van de mensen stemden voor de kandidaat die vasthield aan zijn eigen timbre en niet op degene die zich aanpaste. In sommige gevallen waren de verschillen extreem groot, zoals tussen Ronald Reagan en Walter Mondale. En pas in 2000 werd met George W. Bush een kandidaat gekozen die een enigszins ondergeschikt stempatroon vertoonde. Maar dat was niet echt een uitzondering op de regel omdat, zoals de Democraten zo graag benadrukken, het grote publiek op Al Gore stemde, de kandidaat met het dominante stempatroon.
Onder de radar van het bewustzijn communiceren wij dus statusinformatie telkens als wij met iemand praten, in persoon of aan de telefoon.
(pagina 59)
.
0 reacties so far ↓
There are no comments yet...Kick things off by filling out the form below.